Het C.I.Gn in Ardres


De Notre-Dame-de-Grace bevindt zich op het marktplein van Ardres en is er de hoofdkerk van. De kern ervan gaat terug tot het einde van de 15de eeuw nadat Engelse troepen nog maar eens het vestingstadje, toen gelegen op de grens tussen de Franse en de Engelse bezittingen in de regio, hadden platgebrand. Antoine de Bourgogne, le Grand Batard de France, legde er de eerste steen van. Na de Franse Revolutie werd de kerk gebruik als salpeterfabriek, maar in de 19de eeuw werd ze grondig gerenoveerd in de neo-gotische stijl. 


In 1915 schonken de kandidaat-officieren van het CISLAG., het Centre d'Instruction de Sous-Lieutenants Auxilaires de Génie, deze gedenksteen aan de kerk. Je vind hem terug links van het hoofdaltaar. Elders in de kerk heeft nog lang een houten kader gehangen met daarin de medailles die de hier opgeleiden genie-officieren schonken uit erkentelijkheid, maar tijdens tamelijk recente restauratiewerkzaamheden profiteerden dieven van de stellingen tegen de muren om het kastje leeg te roven. 

De Belgische Genie oefende buiten de stad, op terreinen van de gemeente aan het meer van Ardres, ooit ontstaan door de ontginning van turf in de Middeleeuwen. Daar liggen grote vijvers, van elkaar gescheiden door de Chemin du Marais. Nu is het een gebied voor ontspanning, met mogelijkheden tot watersport en heel wat restaurantjes, maar toen bouwden de Belgen er pontons en lieten er mijnen ontploffen. 

Met dit document gaf de gemeente Ardres haar terreinen 
rond de vijvers ter beschikking van het Belgische leger


De opleiding van geniesoldaten begon al eind 1914, toen nog door het personeel van een Belgisch depot gebaseerd in Calais, en ze vonden plaats op de terreinen van een oude baksteenfabriek in Ardres. In februari 1915 werden deze activiteiten geformaliseerd door de oprichting van het C.I.Gn, het Centre d'Instruction de Génie in Ardres. Het personeel bestond uit militairen uit andere opleidingskampen die de opleiding tot instructeur infanterist en schutter gevolgd hadden en die hun lagere school hadden afgemaakt. De recruten waren mannen die in hun burgerleven actief geweest waren in allerhande beroepen die hier van pas zouden kunnen komen. Op 24 aprils startte het CISLAG op, de school voor kandidaat-officieren in de Genie.


Er ontstonden al snel drie opleidingsplaatsen of polygones. Eentje was gewijd aan het maken (en ondermijnen) van loopgraven, eentje aan het opbouwen van allerlei verdedigingswerken, en eentje aan het werk op het water en het bouwen van pontons. Elke twee maanden moesten er 2000 verse recruten worden klaargestoomd. 



     
In 1918 vertrokken de Belgen terug naarmate er terug Belgisch grondgebied werd veroverd en de Franse opleidingskampen overbodig werden.



Het ACHA, l'Association Culturelle & Historique d'Ardres, heeft ons niet alleen goed geholpen met het bijeenbrengen van deze informatie, maar kende ook nog een paar leuke anekdoten. De gedenkplaat die de officieren in 1915 in de kerk lieten hangen kwam daar zonder medeweten van Commandant Dujardin, een berucht vrijmetselaar met een grondige hekel aan de dienaren van de Kerk, iets wat hij blijkbaar te pas en te onpas liet blijken, tot groot amusement van een deel van de bevolking. En alhoewel de aanwezigheid van de grote hoeveelheden buitenlandse soldaten vaak voor overlast en problemen zorgde waren er ook voordelen: onderzoek van facturen en overeenkomsten laat ook blijken dat bepaalde families die schuren, lokalen en installaties aan de Belgen leenden dit niet geheel belangeloos deden: van sommige families wordt nog steeds gefluisterd dat ze hier de basis legden voor het familiefortuin... Hier is een heel klein voorbeeldje van een dame die in 1917 vergoed werd voor de overname van haar lokalen, drie tafels en een weegschaal.


Reacties

Populaire posts